banner
   
  Kijk op onze apparatuur        

  Deze keer bespreken we het Grijsverloopfilter.




Wie zich bezig houdt met Landschapsfotografie kent het dillemma van de grote contrasten. Het evenwichtig belicht krijgen van zowel de lucht als het landschap is soms ondoenlijk. Je loopt het risico op uitgebeten (overbelichte) of dichtgelopen (onderbelichte) delen. Dit verlies aan detail is jammer, maar er is een hulpmiddel om die details toch netjes vast te leggen. Dat hulpmiddel is het zogenaamde grijsverloopfilter. Gebruik van dit type filter kan een spectaculaire verbetering van het eindresultaat opleveren.

 

Dat deze filters voor een evenwichtige belichting nodig zijn, heeft te maken met de beperkingen van de sensor van een digitale camera. Bij normaal daglicht kan een landschap een zogenaamd dynamisch bereik (de hoeveelheid helderheidswaarden tussen het lichtste en meest donkere punt in een compositie) van ongeveer 17 stops bezitten. Het menselijk oog heeft een bereik van 10 tot 14 stops. De sensor van een digitale camera heeft slechts een dynamisch bereik van 7 stops.

Er zijn uiteraard softwarematige hulpmiddelen om een foto te verbeteren, direct in de camera (bijvoorbeeld de functie Actieve D-Lighting van Nikon) of achteraf met een bewerkingsprogramma. Daarnaast is High Dynamic Range (HDR) een populaire techniek, waarbij foto’s met verschillende belichtingstijden achteraf softwarematig worden samengevoegd. Details die verloren zijn gegaan tijdens het maken van een foto (vooral in de lichte delen) kunnen achteraf echter nooit meer terug worden gehaald. Daarom wordt  in onze ogen het beste en vooral meest natuurlijk ogende resultaat bereikt met een grijsverloopfilter, ook wel "graduated neutral density" filter genaamd.

De  filters hebben van boven naar beneden een verloop van donker naar volledig doorzichtig.  Hoe donkerder ze zijn, des te meer stops ze kunnen corrigeren. De meest gangbare sterkten zijn 1, 2 en 3 stops. Per fabrikant wordt de sterkte op een andere manier aangegeven, wat het verwarrend maakt. Zo is 1, 2 en 3 stops bij B+W of Cokin respectievelijk ND2, ND4 en ND8, terwijl Lee of HiTech het 0.3, 0.6 en 0.9ND noemt. De sterkte die je nodig hebt, hangt af van de lichtsituatie op het moment dat je een foto maakt.
Daarnaast heb je twee varianten wat betreft het verloop. De eerste is de ‘hard-grad’ waarbij de overgang zeer abrupt is en wordt gebruikt bij een rechte horizon zoals de zee of een polderlandschap. Het tweede type is de ‘soft-grad’ waarbij de overgang meer geleidelijk is. Deze gebruik je bij een meer glooiend landschap of als er grote onderwerpen van de voorgrond door de horizon heen gaan.

Er zijn diverse merken op de markt. B+W of Hoya maken bijvoorbeeld ronde filters, net als UV-filters, die je direct voor je lens schroeft. Deze zijn kwalitatief goed, maar hebben in onze ogen beperkingen. Je kunt ze maar voor 1 filtermaat gebruiken en de overgang zit altijd in het midden. Daarom hebben wij voor het systeem van Cokin gekozen. Hierbij heb je een houder met losse ringen die je voor alle lenzen kunt plaatsen. Hierin plaats je een of meerdere rechthoekige filters waarbij je flexibel bent om de hoogte van de overgang te bepalen.
Er zijn verschillende houders te koop van Cokin. De P-serie is goedkoop en compact, hier gaan 84mm filters in. Wij hebben gekozen voor de iets duurdere Z-serie (100mm) omdat die ook geschikt is voor groothoeklenzen. Bij de P-serie krijg je eerder vignettering (donkere hoeken) en onder een brandpunt van 15mm bij een Dx-camera de randen van de houder in beeld.

Nadelen zijn er natuurlijk ook. De filters zijn van hard plastic maar toch krasgevoelig en er komt vrij makkelijk stof op. Er moet dus zorgvuldig mee worden gewerkt. Verder kost het tijd om het systeem te monteren en te bepalen welke sterkte je nodig hebt. Daarnaast worden sluitertijden langer, werken vanaf een statief is vrijwel altijd noodzakelijk voor het beste resultaat. Tot slot is het niet goedkoop, zoals veel in de fotografie. Een houder met ringen, opbergtasje en een setje van 3 filters kost al snel 150 Euro.
   
  Body:
Nikon D300
Nikon D300s


Objectieven:
Tokina 11-16mm f/2.8 AT-X Pro DX*
Tokina 12-24mm f/4 AT-X Pro DX*

Nikkor AF-S DX 16-85mm f/3.5-5.6 ED VR
Tamron AF 17-50mm f/2.8 SP XR Di II LD Asph (IF)*
Nikkor AF-S 17-55mm f/2.8 IF-ED DX*

Nikkor AF 50mm f/1.8 D*
Nikkor AF-S 70-200mm f2.8G ED VR II*
Nikkor AF-S 70-300mm f/4.5-5.6 IF-ED VR
Nikkor AF-S 300mm f/4 IF-ED
Micro-Nikkor AF-S 105mm f/2.8 IF-ED VR*

  Teleconverter:
AF-S TC-14E II

Tussenringen:
Soligor 12 - 20 - 36 mm

Filters:
B+W UV Filters (normaal en haze)
Circulair polarisatiefilter (B+W, Heliopan)*
Cokin Z-pro houder
Grijsverloop- en grijsfilters (Cokin, Hitech)


Flitsers:
Nikon Speedlight SB600, omnibounce
Marumi DFR 14C ringflitser
  Statieven:
Velbon UP 43/PH 243 monopod*
Velbon Sherpa 750R tripod*
Gitzo GT3541L met 3-weg kop G2272M*


Tassen:
Lowepro Micro Trekker 100 rugzak
Lowepro Vertex 100AW rugzak*

Overig:
Draadontspanner (Nikon, Hahnel)
Dubbele waterpas (Hama)
Lenspen, blaasbalg, stofdoekjes
Regenhoezen
Flashbender
 
* Klik op de naam om de bespreking te lezen    
© Copyright 2010 - 2013 All Rights Reserved